|
Richtlijnen voor goed uiergezondheidsmanagement
Neem de volgende aandachtspunten in acht:
- Goede huisvesting.
- Optimale voeding.
- Goede hygiëne in de stal en tijdens het melken.
- Correct werkende melkmachine en melker (voer eens per twee jaar een natte meting uit).
- Dieren met een hoog koecelgetal (> 200.000) als laatste melken.
- Gebruik een goede tepeldip of -spray na het melken.
- Doe regelmatig bacteriologisch onderzoek en bepaling van het kwartiercelgetal bij attentiekoeien.
- Behandel uierontsteking volgens de bijsluiter van de fabrikant.
- Noteer de behandelingen en de resultaten ervan.
- Gebruik in de praktijk geteste uiergezondheidspreparaten. Let hierbij op de aangegeven wachttijden voor melk en vlees.
- Verwijder chronische mastitiskoeien uit de melkveestapel (langer dan 4 maanden attentiekoe).
- Zet de koeien op de juiste wijze droog (zie punt 4 en verder).
- Controleer het effect van de droogzetbehandelingen bij attentiekoeien via bacteriologisch onderzoek en het kwartiercelgetal.
- Bespreek regelmatig de uiergezondheid van uw bedrijf met de dierenarts.
- Bereken jaarlijks de investeringen, besparingen en opbrengsten van uw uiergezondheidsmanagement (rendementsverbetering).
Wat u van een droogzetter mag verwachten
Een behandeling tijdens de droogstand geneest subklinische mastitis en voorkomt nieuwe infecties. Een bacterie die zich tijdens de lactatie in de uier nestelt, veroorzaakt vaak een verhoogd celgetal. De droogzetter zal deze bacterie vernietigen, zodat de ontstekingscellen niet meer aanwezig zijn. Een succesvolle droogzetbehandeling resulteert in een laag koecelgetal na het afkalven: (<100.000 cellen/ml ongeveer tien dagen na afkalven).
Of een behandeling geslaagd is, kunt u uit het volgende afleiden:
- het koecelgetal bij de eerste MPR na het afkalven ligt lager dan 100.000 cellen/ml
- minder dan zes procent van de koeien heeft in de eerste 14 dagen van de lactatie al uierontsteking
- vaarzen hebben na afkalven een celgetal lager dan 50.000 cellen/ml
Om de effectiviteit van uw droogstandstherapie te controleren kunt u bacteriologisch onderzoek/kwartiercelgetal bepaling van attentiekoeien laten uitvoeren. Het beste moment hiervoor is:
- Ongeveer op dag 10 na afkalven bij alle attentiekoeien.
- Binnen 14 dagen na het afkalven bij de dieren die in de voorafgaande lactatie klinische mastitis hadden.
Dieren met een blijvend verhoogd celgetal (dus regelmatig > 200.000 cellen/ml) zijn verdacht van een besmetting met S. aureus. Als de behandeling in de droogstand niet resulteert in een koecelgetal < 100.000 cellen/ml, is controle van het kwartiercelgetal wenselijk.
Is na de droogstand hetzelfde kwartier nog steeds verhoogd, dan is het advies om deze koe te ruimen. Het is echter ook mogelijk dat een ander kwartier verhoogd is, we hebben dan te maken met een nieuwe infectie. Deze jonge subklinische mastitis kan bij jonge dieren in een vroeg stadium effectief behandeld worden door tijdens de lactatie langdurig (8 dagen) te behandelen. Op deze manier kunt u de infectiedruk op uw bedrijf laag houden enhoeft u niet te wachten tot de droogstand met behandelen met een antibiotica houdende droogzetter. Daarnaasr blijft de droogstand de aangewezen periode om de koeien veilig en effectief voor een langere periode te behandelen met antibiotica. Kies een droogzetter bewust op basis van de eigenschappen. Gebruik slechts één merk antibioticumhoudende droogzetter in de koppel.
Dieren met een gezond uier hebben geen behandeling met antibiotica nodig. Bescherm deze dieren met een beschermende droogzetter, die de keratine prop nabootst, tegen het binnendringen van mastitisverwekkers tijdens de droogstand.
Selectief droogzetten of alle melkkoeien behandelen met een droogzetter?
Met de huidige kennis van het celgetal en het bacteriepatroon op kwartierniveau gedurende de gehele lactatie is het af te raden zonder droogzetters te werken. Ook het selectief toepassen van antibiotica houdende droogzetters in een koppel is riskant. Nederlands onderzoek heeft aangetoond dat het routinematig gebruik van de juiste droogzetter gezondere uiers oplevert. Het resultaat is een lager koecelgetal en een hogere productie.
Praktische wenken bij het droogzetten van koeien:
- Lees eerst de bijsluiter.
- Niet droogzetten tijdens andere behandelingen, zoals klauwbekappen.
- Controleer de melk en de uier bij de laatste melkbeurt.
- Voer de handeling in de melkstal uit, direct na de laatste melkbeurt.
- Ontsmet slotgat en directe omgeving grondig met de bijgeleverde tepeldoekjes.
- Raak de injectorpunt niet aan.
- Breng de injectorpunt (bij voorkeur de korte) voorzichtig in het slotgat.
- Na inbrengen van de inhoud niet opmasseren.
- Spenen dippen of sprayen.
- Laat de koeien tenminste 1 uur staan om het slotgat te laten sluiten.
- Zet de koe met één behandeling droog.
- Noteer de droogzetdatum.
- Controleer regelmatig de uier van de droogstaande dieren.
- Zorg voor een frisse stal en een schoon ligbed.
De financiële kant van droogzetten
Rekenvoorbeeld van een droogzetbehandeling
Uitgangssituatie:
- Bedrijf met 100 melkkoeien.
- Een klinische mastitis kost ca € 300,-.
- 35 procent van de nieuwe infecties leidt tot klinische mastitis.
Wijze van Droogzetten |
% Nieuwe infecties |
Aantal besmette
Kwartieren |
Kwartieren met klinische mastitis |
Totale kosten
klinische mastitis per 100 koeien |
|
|
|
|
|
Zonder droogzetters |
12% |
48 |
17 |
€ 4.630,- |
"Gewone" droogzetters |
6% |
24 |
8 |
€ 2.180,- |
“kleine deeltjes” doogzetter die beter doordringt in het uierweefsel |
2% |
8 |
3 |
€ 820,- |
Richtlijnen bij behandeling van mastitis tijdens de lactatie
Voor een accurate behandeling is het essentieel om te weten of het mastitisgeval op zichzelf staat of dat het onderdeel is van een reeks gevallen van mastitis bij de koe.
Klinische mastitis (mastitis zonder historie)
Daarmee wordt bedoeld de eerste uierontsteking van de melkkoe tijdens de lactatie
Behandeling:
- Melk het ontstoken kwartier goed leeg.
- Ontsmet het slotgat.
- Neem een melkmonster en bewaar dit in de vriezer.
- Breng de injector voorzichtig in het slotgat.
- Masseer de substantie niet naar boven.
- Dip of spray de speen.
- Merk het behandelde dier, bijvoorbeeld met een herkenningsbandje.
- Noteer de behandeling op de stallijst klinische mastitis (datum, product, diernummer, kwartier, etc.). (link naar rekenmodules en werkbladen)
- Melk het ontstoken kwartier zes uur na behandeling leeg en herhaal dit met regelmaat.
- Maak de behandelingskuur af zoals aangegeven door de fabrikant.
- Bij koorts aan de hals een antibioticum inspuiten om de systemische ziekteverschijnselen te bestrijden.
Klinische mastitis (opflikkering van een subklinische mastitis; mastitis met historie)
Dit betreft koeien met een celgetal dat wisselend boven de > 200.000 cellen/ml ligt en koeien waarbij de mastitis binnen vier weken in hetzelfde kwartier terugkeert.
Overleg in deze gevallen met de dierenarts de te volgen behandelingsstrategie. In veel gevallen hebben we namelijk te maken met een 'opflikkerende' subklinische mastitis. Een dergelijke subklinische infectie dient langdurig behandeld te worden om een bevredigend resultaat te verkrijgen. Pfizer heeft hiervoor het Subklinische Mastitis Selectieprogramma ontwikkeld. Bij deze subklinische mastitis-infecties geeft een langdurige behandeling van 8 achtereenvolgende dagen goede resultaten.
Regelmatig bacteriologisch onderzoek en kwartiercelgetalbepaling van verdachte dieren en dieren met een klinische mastitis geven een goed beeld van het verloop van het bacterie-patroon op het bedrijf.
Uiergezondheid en bedrijfsadvisering
Mastitis is een factorenziekte. Dat betekent dat adviseurs met uitéénlopende specialismen u daarbij kunnen ondersteunen. Op het gebied van uiergezondheid kan uw dierenarts adviseren en ondersteunen. Hij kan extra steun en advies inroepen, bijvoorbeeld van de Gezondheidsdienst voor Dieren of van de fabrikant van diergeneesmiddelen.
Het CRV kan de kengetallen aanleveren voor het optimaliseren van de bedrijfsgezondheidsresultaten. Veelal werken de genoemde instanties samen om nóg efficiëntere diergezondheidsprogramma’s te ontwikkelen. Vraag uw dierenarts naar PiR-DAP, het speciale samenwerkingsverband van CRV, Pfizer en KNMvD.
|